Trouw niet om het geld, je kunt het goedkoper lenen. 

Hoe langer ik weg ben uit Nederland, hoe meer ik u een wonder begin te vinden: Nederlands toilet. U behoeft geen gebruiksaanwijzing, u bent zo makkelijk in de stoelgang. Koning, Keizer, Admiraal; we gebruiken u allemaal. O Nederlands toilet, wat bent u schoon, wat bent u mooi als u uw bril draagt. Hoe elegant is uw nek, gelijk die aan een gans.

Ik zag u dagelijks, een paar minuten per keer. Dacht er niet bij na, verliet u, ondankbaar snel. Met uw tranen spoelde u dan alles wat ik achterliet weg – alleen en in het donker. Ik dacht er niet bij na en nu mis ik u.

Erg?
Misschien ben ik wel te lang weg uit de polder, maar na een paar maanden ervaring met Indonesische toiletten ben ik oprecht sentimenteel over dit onderwerp. Voordat ik voor het eerst in het vliegtuig stapte naar Indonesië  zeiden ervaren vakantiegangers mij al dat de wc’s hier afschuwelijk zijn. Ik nam deze informatie met een grote korrel zout. Hoe erg kan het zijn immers? 

Een dag later werd ik met mijn neus op de stinkende feiten gedrukt. Onderweg naar mijn hotel vroeg ik de taxichauffeur om te stoppen bij een openbaar toilet. Het vliegtuigvoedsel begon te borrelen in mijn maag. Als je moet, dan moet je. Nu, ik ben ik niet verlegen. Een ruimte vol halfnaakte mannen deert mij niet, mits dit ruimtes betreft die namen dragen als kleedkamer, sauna of zwembad. Maar toch geen openbaar toilet?

Daar stond ik dan met letterlijk mijn mond wijd open van verbazing. De ruimte was gevuld met een man of acht allemaal hurkend boven gaten in de grond. Een open ruimte zonder privacyschotjes of deuren. De één deed zijn behoefte terwijl hij belde, de ander keek naar zijn buurman (“Is jouw drol nu werkelijk groter dan de mijne?”), weer een ander draaide naast zijn uitwerpsel ook nog een sigaretje.

Geen wc-papier
Ik zal u de persoonlijke details besparen, maar nadat ik mijn darmen geleegd had, kwam ik tot de ontdekking dat er geen wc-papier was, zelfs geen waterbak om je achterste op de Aziatische manier schoon te maken. De taxirit vervolgde ik zonder onderbroek, die drijft nu ergens rond in een Balinese riolering waarschijnlijk.

De bovenstaande situatie is geen uitzondering in Indonesië, merkte ik al snel. Integreren moet men leren en dat deed ik als allochtoon. Een Indonesisch toilet is voor mij nu minder afschuwelijk, maar als het kan zoek ik liever naar een comfortabele pot in een mall of hotel.

Maag borrelt
Mijn afschuwelijkste ervaring tot nog toe was in Indonesië. Na een overheerlijke, maar zeer pittige, rendang, protesteerde mijn maag na een uur of wat. Ik was onderweg van Sumatra naar Java per bus en toen ik het echt niet meer hield vroeg ik de buschauffeur om te stoppen in een wegrestaurant.

Ik sprintte de bus uit op weg naar de wc, dacht het bijna niet te halen, sprong een innerlijke vreugdedans toen ik de deur van het toilet opende en kreeg millisecondes later een hartverzakking. Wat trof mijn oog: een met poep besmeurde donkere ruimte, riekend naar urine en andere niet definieerbare geuren. Honderden groene vliegen zoemden om de uitwerpselen. Maar ja, als je moet, dan moet je…

Is er dan toch iets positiefs te melden over de toiletten in dit waanzinnige mooie en interessante deel van de wereld? Jazeker! Ik ben een zekere gewenning aan het ontwikkelen aan de waterspuit in de meeste Aziatische wc’s. Na de behoefte grijp ik nu niet meer naar de rol, maar naar de spuit om schoon en proper de ruimte weer te verlaten.

Hygiëne is voor ons een normaal begrip en gelukkig zijn er genoeg vrouwen die het schoonmaken serieus nemen. Hier in Villa Tulip, altijd de pot schoon. Bovendien is er de keuze tussen papier of de waterspuit. Al naar gelang.

Vandaag geen wandeling. De reden is dat ik al vanaf de ochtend een stekende pijn in mijn linkerflank heb. Andere symptomen  wijzen op een niersteen die aan het indalen is. De pijn is niet prettig. Diclofinac gebruik ik als pijnbestrijding. Nu hopen dat ik de steen zo snel mogelijk kan uit plassen. 

Tot zover Lombok.